Restauratie Sarcofaag van Simpelveld

‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
Een unieke sarcofaag uit de derde eeuw na Christus is door een succesvolle restauratie gered. De restauratie was noodzakelijk omdat de sarcofaag in het Rijksmuseum van Oudheden (RMO) in Leiden op een nieuw onderstel moest worden geplaatst. Bij verplaatsing van het oude houten instabiele onderstel kwam namelijk spanning op de sarcofaag te staan, hetgeen tot scheurvorming kon leiden. De zandstenen sarcofaag moest worden gedemonteerd en na restauratie op een nieuw onderstel worden opgebouwd. Gilles Nienhuis van BamBam Restauratie Steenhouwers werkte bij deze restauratie nauw samen met restaurator Renske Dooijes van het RMO. Het resultaat is te zien op de tweede verdieping van het museum.

Maar liefst 2,4 meter lang, meer dan een meter breed, 76 centimeter hoog en een totaal gewicht van circa 1500 kilogram. Dit zijn de specificaties die behoren bij een unieke sarcofaag, de enige ter wereld in zijn soort, te bewonderen in het Rijksmuseum van Oudheden (RMO) in Leiden. De sarcofaag is in 1930 gevonden in Simpelveld. Vandaar dat er wordt gesproken over de Sarcofaag van Simpelveld. Restaurator Renske Dooijes legt uit wat de sarcofaag zo uniek maakt. “Veel teruggevonden sarcofagen hebben beeldhouwwerk aan de buitenkant. Bij deze sarcofaag zit het aan de binnenkant. Dat maakt het voorwerp uniek. Het beeldhouwwerk geeft een interieur van een kamer te zien. Op de bank ligt de overledene: een vrouw. Aan het hoofdeinde van de bank staat een stoel met daarnaast een kist. Tegenover de bank staat een rek met daarop drie flessen: een vierkante en twee ronde. Daarnaast staat een wandtafel op drie poten, versierd met leeuwenkoppen en -klauwen, gevolgd door een rek met daarop twee kannen, twee emmers en daarboven drie bekers en een flesje. Pal daarnaast staat een kast met twee deuren. Naast de kast zien we een aantal nisvormige bouwsels waarin misschien oorspronkelijk grafgiften waren gelegd. Die zijn echter niet allemaal ter plekke teruggevonden. Een gat aan de korte zijde van de sarcofaag – een zogenoemd roofgat –  vormt hiervoor zeer waarschijnlijk een verklaring. Een deel van de grafgiften was wel nog aanwezig; gouden sieraden, waaronder een halsketting, een paar ringen en een oorbel, een zilveren spiegeltje, een glazen flesje, een flacon van aardewerk en enkele andere voorwerpen. Op de bodem van de kist lagen de crematieresten van de overledene. De sarcofaag was dus in feite een grote as-urn. Tussen de laatste nis en het voeteneinde van de bank is de zijkant van een Romeinse villa te zien, waarschijnlijk het huis waarin de overledene woonde.” 

Onderstel voor de sarcofaag

Na de vondst in 1930 is de sarcofaag op een houten onderstel geplaatst, deels om het circa 1500 kilogram zware object te ondersteunen, maar ook om het verplaatsbaar te maken. Een eerdere verplaatsing van de sarcofaag in het RMO in 2018 gaf al aan dat deze houten constructie niet veel langer meer stabiel zou zijn. Daarom werd BamBam Restauratie Steenhouwers uit Leiden erbij geroepen. “Na de verplaatsing waren door het instabiele onderstel scheuren ontstaan in de oude mortel aanvullingen. Deze hebben we als een tijdelijke oplossing opnieuw bijgevuld, met Jahn-mortel. Fabrikant Jahn gaf nadien als commentaar dat de mortel veel te droog was aangebracht. Maar dat was juist de bedoeling, want we wisten dat de mortel bij een volgende restauratie-ingreep gemakkelijk te verwijderen moest zijn”, lacht Gilles Nienhuis, steenhouwer/beeldhouwer bij het bedrijf uit Leiden.

Een volgende verplaatsing zou te gevaarlijk zijn voor de conditie van de sarcofaag. De kans was groot dat er nu schade zou ontstaan aan het object zelf, en niet alleen aan de aanvullingen. Daarom werd in september 2020 een vooronderzoek naar de restauratie gestart. “We hebben eerst onderzoek gedaan naar de restauratiegeschiedenis en naar de conditie van de sarcofaag. Hiervan hebben we een conditierapport opgesteld. Door middel van het in kaart brengen van de schades – de zogenoemde schademapping – zijn alle bijzonderheden op een plattegrond van de sarcofaag in kaart gebracht”, legt Dooijes uit.

Zandsteen

Om de bepalen welke zandsteen het betrof, werd een monster van het materiaal van de sarcofaag naar België opgestuurd. Dooijes: “Geoloog Roland Dreesen heeft een slijpplaatje gemaakt van het sample en het materiaal onderzocht door het te bekijken onder een polarisatiemicroscoop. Zoals verwacht, bleek uit het petrografisch onderzoek dat de sarcofaag is gemaakt van Nivelsteiner-zandsteen, dat vlakbij Simpelveld werd gewonnen Deze steensoort werd vaak gebruikt in de Romeinse tijd en is onder andere herkenbaar door de glimmertjes in de steen.”

Al direct was te zien dat bij eerdere restauraties aanvullingen waren aangebracht. De loszittende oude aanvullingen heeft Dooijes getracht te verwijderen. “Met behulp van kleine gereedschappen, zoals een scalpel en pincet, zijn de loszittende stukken zorgvuldig weggehaald. De locatie van de fragmenten met oude restauratie zijn gedocumenteerd, waarna de aanvullingen in zakjes zijn bewaard voor eventueel materiaal-technisch onderzoek. De dunne lagen mortel konden met kloppers en fijne steenbeitels worden verwijderd. Met zachte borstels en penselen zijn het vuil en de verpoederde resten van de oude restauratiemortels weggeveegd. Hierdoor werd de originele sarcofaag steeds beter zichtbaar. Probleem vormde echter de stukken die met cement waren aangeheeld. Cement is een veel harder materiaal dan de zandsteen waaruit de sarcofaag is gemaakt. Hierdoor zijn enorme spanningen op de constructie ontstaan. We vreesden voor ernstige breukvorming. Daarom hebben we advies gevraagd aan BamBam Restauratie Steenhouwers. Dit bedrijf heeft ons al eerder geholpen bij restauraties van archeologische objecten in het museum”, verklaart de restaurator.

Rondom de sarcofaag, langs de buitenzijde, was een dikke laag cement aangebracht. Hoe dik, was echter niet duidelijk. Voorzichtigheid bij het verwijderen was dus geboden, vertelt Nienhuis. “Voor de dikkere lagen cement heb ik een diamantslijper gebruikt. Om de zoveel centimeter heb ik groeven in de laag geslepen waarna de cement kon worden verwijderd. Echt een precisiewerkje.” 

3D-scan

BamBam Restauratie Steenhouwers heeft ook geadviseerd over de constructie van het nieuwe onderstel. Vanwege het enorme gewicht, is gekozen voor een stalen onderstel. “Het museum heeft een 3D-scan van een fragment van de deksel van de sarcofaag laten maken. Op basis van het gewicht van dat fragment en de 3D-scan kon het gewicht per vierkante kubieke centimeter worden berekend. En zo kon het totale gewicht worden berekend. Deze info was nodig om een ontwerp voor het onderstel te maken, maar er moest ook rekening worden gehouden met de vloerbelasting van de totale constructie – onderstel én sarcofaag – en het gewicht van de bezoekers die ernaar komen kijken. Het museum heeft ervoor gekozen om de deksels vanwege het enorme gewicht niet terug te plaatsen. Dat scheelde toch zo’n kleine 1500 kilo”, legt Dooijes uit. 

Na het verwijderen van de cementlaag aan de onderzijde is een tijdelijk houten frame rondom de sarcofaag gemaakt, bedoeld om het geheel te verstevigen, omdat de oude aanvullingen grotendeels waren verwijderd, schetst Dooijes de volgende stap in het restauratieproces. “Met het frame werden ook de losse fragmenten beschermd, toen we met het loshalen van de eerste fragmenten begonnen. Aan de binnenkant van de constructie is zacht foam geplaatst, zodat het oppervlak van de sarcofaag niet beschadigd raakte. Vervolgens konden we beginnen met de ontmanteling: alle losse stukken zijn één voor één uit elkaar gehaald om de sarcofaag te kunnen verplaatsen.” 

Dit artikel is gepubliceerd in NATUURSTEEN 3-2022. Nog geen abonnee? Klik hier!